Oefening 1 – Een leider
Wat is een leider? Een leider is iemand die een groep mensen kan beïnvloeden om een verandering te maken.
Hieronder zie je voorbeelden van leiders.
Een leider van een sportteam kan een team helpen om te winnen.
Een leider in een bedrijf kan ervoor zorgen dat er veel geld wordt verdiend, door mensen goed te begeleiden.
Een politiek leider is iemand die leider is van een partij en er voor zorgt dat politici goed met elkaar samenwerken om de partijdoelen te halen.
Kwaliteiten van een leider
Een leider wordt je niet zomaar. Je moet namelijk goed zijn in een aantal dingen, zoals problemen kunnen oplossen, met mensen kunnen omgaan en mensen kunnen overtuigen. Als je dit kan, dan heb je goede leiderschapskwaliteiten.
Een aantal voorbeelden van leiderschapskwaliteiten zijn:
- Goed kunnen luisteren naar anderen
- Jezelf goed kunnen presenteren
- Anderen kunnen overtuigen
- Goed met anderen kunnen samenwerken
- Problemen kunnen oplossen
- Je kunnen inzetten voor anderen
Opdracht 1
Welke goede kwaliteiten kan je nog meer bedenken? Noem er 1 of 2.
Oefening 2 – Kies een leider
Hieronder zie je een aantal jonge leiders. Klik op de links om te ontdekken wie deze leiders zijn en wat zij doen.
Greta Thunberg
Kesz Valdez
Malala Yousafzai
Mohamad Al Jounde
Opdracht 2
a. Kies een leider uit die jou het meeste aanspreekt. Leg uit waarom je voor deze leider hebt gekozen.
b. Welke kwaliteiten herken jij in deze leider?
Oefening 3 – Leiders in jouw omgeving
Leiders vind je overal in de samenleving, niet alleen in de politiek, in een bedrijf of op een sportclub. Maar je vindt ze ook bij jou op school, in je buurthuis en bij jou thuis.
Opdracht 3
a. Noem 1 persoon uit jouw omgeving die een leider is en leg uit waarom je dat vindt.
b. Welke kwaliteiten herken je in deze leider?
Vraag : Kan iedereen een leider worden? Wat is jouw antwoord?
Antwoord 1 : niet iedereen kan een leider worden
Antwoord 2 : door je te ontwikkelen kan je een leider worden
Oefening 4 – Kennis en kwaliteiten
Opdracht 4a
Begin een nieuwe hoofdstuk in je opdrachtenboek. Schrijf het woord : Leider
Plak onder het woord Leider een foto van jezelf en schrijf jouw naam erbij.
Schrijf onder elkaar de woorden:
Ik wil leren:
Mijn talent:
Bijzonderheden:
Opdracht 4b
Welke kwaliteiten zou jij verder willen ontwikkelen? Kies er 3 uit en schrijf dat in je opdrachtenboek onder het kopje Ik wil leren.
- Goed kunnen luisteren naar anderen
- Mezelf goed kunnen presenteren
- Anderen kunnen overtuigen
- Goed met anderen kunnen samenwerken
- Problemen kunnen oplossen
- Me kunnen inzetten voor anderen
Oefening 5 – Talent
Er zijn mensen die op heel jonge leeftijd hun talent ontdekken. Maar dat is niet bij iedereen zo. Door jezelf te blijven ontwikkelen, kan je steeds beter worden.
Opdracht 5
Maak voor jezelf een talentenoverzicht en schrijf op waar je goed in bent of wat jij leuk vindt om te doen of wat jij later wil worden. Schrijf in je opdrachtenboek onder het kopje Mijn talent wat jouw talent is.
Oefening 6 – Het goede doel
Hoe zou jij jouw talent gebruiken om iets moois voor anderen te kunnen betekenen, als jij een leider zou zijn? Laat je inspireren door jonge leiders. Zie hieronder nog meer voorbeelden.
Opdracht 6
Wat zou jij met jouw talent kunnen doen voor anderen? Werk jouw idee uit. Gebruik foto’s, maak een tekening of maak een kort filmpje van 30 seconden. Wees creatief.
Bij deze opdracht kan je hulp inschakelen van familie en vrienden om met je mee te denken.
Oefening 7 – De leider in jou
Opdracht 7
a. Vertel in de klas hoe jij jouw talent zou inzetten om anderen te helpen.
b. In je opdrachtenboek, onder het kopje Bijzonderheden beschrijf je kort jouw idee.
Oefening 8 – Afronding
Als het goed is, ziet het laatste hoofdstuk van jouw opdrachtenboek er zo uit…
Leider
Jouw foto met naam
Ik wil leren :
(jouw 3 gekozen kwaliteiten)
Mijn talent:
(beschrijving van jouw talent)
Bijzonderheden :
(korte beschrijving van jouw idee)
Als jouw laatste hoofdstuk er zo uit ziet, dan heb je dit onderdeel succesvol afgerond.